Zwitserland in de 20e eeuw |
| Foto's van Zwitserland |
30/07/11
|
Zijn traditionele neutraliteit in de buitenlandse politiek handhaafde Zwitserland ook in de 20ste eeuw (zowel in de Eerste als in de Tweede Wereldoorlog werd die neutraliteit gerespecteerd door de oorlogvoerende mogendheden). Mede daardoor werd bijv. een stad als Genève vestigingsplaats van internationale organisaties (Rode Kruis, Volkenbond, ILO). Het land sloot zich (op bepaalde voorwaarden) aan bij de Volkenbond, na de Tweede Wereldoorlog echter niet bij de Verenigde Naties (wel bij sommige van haar instellingen, zoals de UNESCO en de FAO). Pas in 2002 trad zij tot tot de VN. Zwitserland wenste ook geen lidmaatschap van de Europese Gemeenschappen (via een referendum werd in 1972 een vrijhandelsverdrag met de EG goedgekeurd), maar wel van de non-politieke EVA (1960) en de OESO (1961). Toetreding tot de Raad van Europa werd door het parlement pas in 1962 goedgekeurd. Het voorlopig lidmaatschap van het GATT (later WTO) ging in 1966 over in een volwaardig. |
Sinds 1959 nemen alle vier de grootste partijen (SPS, CVP, FDP en SVP) deel aan coalitieregeringen (het zgn. ‘concordantieprincipe’). De belangrijkste kwesties in het naoorlogse politieke leven waren: het vrouwenkiesrecht (in december 1971 bij referendum aanvaard voor landelijke vertegenwoordigende lichamen); gelijkstelling van man en vrouw (in 1981 in de federale wetgeving vastgelegd); het separatistische streven in de Jura, dat in 1978 leidde tot de vorming van het kanton Jura, een afsplitsing van het kanton Bern; de wetgeving met betrekking tot de buitenlandse werknemers; en de toenadering tot de Europese Unie, die in referenda stelselmatig werd afgewezen. Bij de parlementsverkiezingen in 1995 was er winst voor de sociaal-democratische SPS, die vooral in het Franstalige deel sterk was vertegenwoordigd en die zich had uitgesproken voor doorbreking van het traditionele neutralisme en voor toetreding tot de Europese Unie (EU). |
De Schweizerische Volkspartei (SVP), met veel aanhang onder de Duitstalige agrarische bevolking en uitgesproken tegenstander van de EU, boekte eveneens winst. Hoewel de uitslag een verscherping van de politieke tegenstellingen en een verwijdering tussen de Duits- en Franssprekende Zwitsers inhield, bleef de regering, de Bondsraad, functioneren volgens het consensusmodel. In december 1996 stemde een meerderheid van de kiezers bij een referendum tegen strengere immigratiewetgeving. De conservatieve Volkspartij had voorgesteld illegale vluchtelingen uit te sluiten van asielprocedures. Het aantal vluchtelingen was in de loop van de jaren negentig echter al sterk gedaald en de regering achtte een nog verder aangescherpt beleid schadelijk voor het imago van Zwitserland. Na jarenlange discussies gingen Zwitserse banken in 1996 akkoord met een onderzoek naar rekeningen van slachtoffers van de holocaust, die hun geld naar Zwitserland hadden gebracht en na de oorlog niet meer in staat waren de tegoeden te claimen. |
![]() |
Lausanne. |
Een Brits rapport constateerde dat Zwitserland slechts een klein deel had teruggegeven van het door nazi-Duitsland in het land ondergebrachte goud, dat deels was gestolen van joden en deels van door Duitsland bezette staten. In 1998 rapporteerde een onderzoekscommissie dat niet viel aan te tonen dat de banken moedwillig tegoeden hadden achtergehouden of rekeningen hadden geplunderd. Wel was informatie over de vele zoekgeraakte rekeningen achtergehouden. |
Winnaar van de verkiezingen in oktober 1999 was de SVP onder leiding van Euro-scepticus Christoph Blocher. De SVP werd de tweede partij, waardoor de traditionele zetelverdeling in de regering onder druk kwam te staan. De verkiezingswinst van de SVP ging voornamelijk ten koste van ultra-rechtse splinterpartijen. De regerende coalitie bleef in stand. "Zwitserland," © Schriftelijke door Emmanuel BUCHOT en Encarta |
![]() Tilpasset søgning
|