Afbeeldingen

Nederland aan het einde van de Tweede Wereldoorlog


Nederland in de jaren 1950
Nederland in de jaren 1950

De formatie van het eerste naoorlogse kabinet werd door koningin Wilhelmina opgedragen aan Willem Schermerhorn (Nederlandse Volksbeweging) en Willem Drees (SDAP). Op 24 juni 1945 kwam de regering-Schermerhorn-Drees tot stand. Aan dit ‘nationaal kabinet voor herstel en vernieuwing’ namen vertegenwoordigers van RKSP, SDAP, CHU, Liberale Staatspartij en de VDB deel. ARP, CPN en SGP voelden zich niet met het kabinet verbonden. De regering stelde zich tot taak het productieproces op gang te brengen, het woningbestand te repareren, de zwarte handel terug te dringen en de lonen en prijzen te beheersen. Een van de eerste maatregelen betrof de geldzuivering van minister van Financiën Pieter Lieftinck. Verder bouwde de regering het in Londen al ontworpen systeem van Bijzondere Rechtspleging en zuivering uit vanwege de noodzakelijke politieke zuivering.

Op het terrein van de partijpolitiek bleek dat de verwachting van politieke vernieuwing snel verdween, omdat de meeste vooroorlogse politieke partijen weer werden opgericht.

De ARP, CHU, SGP en CPN kwamen direct na de oorlog weer terug, terwijl de RKSP alleen haar naam veranderde in Katholieke Volkspartij (KVP). De Liberale Staatspartij en de Vrijzinnig-Democratische Bond (VDB) verdwenen: de Liberale Staatspartij ging op in de Partij van de Vrijheid, terwijl de VDB grotendeels opging in de nieuw opgerichte Partij van de Arbeid (PvdA). Deze laatste partij was in februari 1946 opgericht om de verzuiling tegen te gaan en zij propageerde de ‘doorbraak‘-gedachte dat ook katholieken en protestanten zich aan konden sluiten bij de PvdA. Aangezien echter de vooroorlogse partijen ook al weer bestonden, werd de PvdA gedwongen onderdeel van de verzuilde samenleving te gaan uitmaken.

De PvdA kwam voort uit de SDAP, en behalve een groot deel van de VDB sloten zich ook een groep jongere radicalen uit de CHU, een deel van de Christelijk-Democratische Unie, een deel van de rooms-katholieke Christofoor-groep en een aantal politiek daklozen bij de PvdA aan. De vooroorlogse verzuiling bleef niet alleen op partijpolitiek gebied bestaan.

Een poging van de Eenheidsvakcentrale (EVC) om de verzuiling te doorbreken mislukte uiteindelijk en ook een poging om tot een nationale omroep te komen had geen succes. Wel kwamen er allerlei overkoepelende organen tot stand, zoals de Raad van Bestuur in Arbeidszaken (werkgevers), de Raad van Vakcentrales (werknemers) en de Stichting van de Arbeid waarin werkgevers en werknemers gezamenlijk konden overleggen.

Nadat de voorlopige Staten-Generaal op 20 november 1945 bijeen waren gekomen, werden op 17 mei 1946 de eerste verkiezingen gehouden. Het belangrijkste gegeven was dat de door de PvdA gehoopte ‘doorbraak’ was mislukt: de PvdA kreeg een lager percentage van de stemmen dan de in deze partij samengekomen groeperingen vóór de oorlog hadden behaald.

De confessionele partijen wisten zich daarentegen te handhaven. De CPN maakte een grote opgang. De KVP streefde naar regeringssamenwerking met de PvdA en in juli kwam het kabinet-Beel tot stand, dat geheel bestond uit vertegenwoordigers van beide partijen en een aantal politiek daklozen. Behalve door de totstandkoming van de ouderdomsverzekering van Drees (in de vorm van een noodvoorziening weliswaar), werd de binnenlandse politiek vrijwel geheel door de Indonesische kwestie beheerst. Met name de Nederlands-Indonesische oorlogen (de zgn. ‘politionele acties’) zorgden nationaal en internationaal voor veel opschudding (zie ook Indonesië§ geschiedenis). Mede ten gevolge van de Indonesische politiek was Pieter Jacobus Oud met een aantal medestanders in oktober 1947 uit de PvdA getreden; hij sloot zich aan bij de door Stikker geleide Partij van de Vrijheid, die de naam Volkspartij voor Vrijheid en Democratie (VVD) kreeg. Ook in de KVP kwam het tot een afsplitsing: Welter nam aan de verkiezingen van 1948 deel met een eigen lijst, won een zetel en scheidde zich in december 1948 af van de KVP en richtte de Katholiek Nationale Partij (KNP) op. Het kabinet dat na de verkiezingen van juli 1948 werd geformeerd door de KVP-er Van Schaik en dat onder feitelijke leiding stond van Drees, werd uitgebreid met twee CHU-ministers en één VVD-minister. Het werd ook in deze periode terdege beziggehouden door de kwestie Indonesië: op 27 december 1949 vond de formele soevereiniteitsoverdracht van Indië plaats, met uitzondering van Nieuw-Guinea. De wet op de Publiekrechtelijke Bedrijfsorganisatie (PBO) van 1950 leidde tot de oprichting van de Sociaal-Economische Raad en kan beschouwd worden als de kroon op de samenwerking tussen werkgevers, werknemers en overheid. Nederland trad in 1949 toe tot de NAVO. Begin 1951 ontstond er een regeringscrisis als gevolg van het aftreden van VVD-minister van Buitenlandse Zaken Stikker. Pas na moeizame pogingen, waarin o.a. Stikker als informateur optrad, werd het kabinet-Drees gereconstrueerd. Op 25 juni 1952 vonden verkiezingen plaats, waarbij de PvdA de grootste partij werd, Drees trad op als leider van een kabinet van de PvdA, KVP, ARP en CHU. © "Nederland" geschrieben von Emmanuel Buchot und Encarta

Foto's van Europese landen

Turkije

Turkije

Foto's Informatie

Fotos Oostenrijk

Oostenrijk

Foto's Informatie

Hongarije

Hongarije

Foto's Informatie

Schotland

Schotland

Foto's Informatie

Kroatien

Kroatië

Foto's Informatie

Foto's van Duitsland

Duitsland

Foto's Informatie

Griekenland

Griekenland

Foto's Informatie

Engeland

Engeland

Foto's Informatie

Niederlande

Nederland

Foto's Informatie

Frankrijk

Frankrijk

Foto's Informatie

Denemarken

Denemarken

Foto's Informatie

Portugal

Portugal

Foto's Informatie

Foto's van Azië

Vietnam

Vietnam

Foto's Informatie

Zuid-Korea

Zuid-Korea

Foto's Informatie

Cambodja

Cambodja

Foto's Informatie

Thailand

Thailand

Foto's Informatie

Foto's van de Amerika's

Verenigde Staten

Verenigde Staten

Foto's Informatie

Website informatie