Planten en dieren in Italië
|
Foto's Italië |
Laag- en heuvelland, nl. in hoofdzaak de kustgebieden, behoren tot de mediterrane regio. De vegetatie is hier groen in de winter, bloeit in april en mei, verschroeit in de zomer. De oorspronkelijke vegetatie, thans zo goed als geheel verdwenen, is een altijdgroen loofbos van steeneiken. In de plaats daarvan heerst thans de macchia, een formatie van altijdgroene dichte en doornige heesters en dwergstruiken, gevormd door verschillende plantengezelschappen, al naar de intensiteit en frequentie van afbranden en naar de grondsoort. Een van de sterk periodiek gebrande vegetaties is het bloemrijke, reeds door Ovidius bezongen struweel Rosmarino-Lithospermetum met tal van aromatische kruiden. |
In de middelgebergten met hun koudere winters wordt de macchia vervangen door struwelen die 's winters hun blad verliezen en meer met de Midden-Europese overeenkomen, met o.a. donzige eik en gele kornoelje. In het hooggebergte (Alpen en Dolomieten) zijn de subalpine naaldwoudgordel en de alpine dwergstruik- en weidegordel zeer fraai ontwikkeld.
De dierenwereld is van een Centraal-Europees en mediterraan karakter; in het noorden treft men nog alpine vormen aan (o.a. steenbok en gems), in het zuiden mediterrane vormen (o.a. moeflon op Sardinië, stekelvarken, Romeinse mol en een aantal reptielen). |
Het grote wild is zeer bedreigd in zijn voortbestaan; bruine beer en wolf zijn zeer zeldzaam geworden. Wellicht is de zeldzame monniksrob nog aan de kusten van Italië te vinden. De vogelwereld wordt sterk bedreigd door de vangst in de trektijd in voor- en najaar. Naast sterke druk van de jacht heeft ook de ontbossing, reeds ver gevorderd in de Romeinse tijd, tot het zeldzaam worden van vele soorten bijgedragen. Nieuwe inzichten breken maar langzaam baan. Van de vijf nationale parken is Gran Paradiso bekend vanwege steenbok en gems; in het nationale park van de Abruzzen leven gemzen en de laatste bruine beren. Vooralsnog is de toekomst van de wilde zoogdieren en vogels van Italië een zeer onzekere zaak. |
![]() |
Italiaanse natuur |
De houding van een belangrijk deel van de bevolking getuigt van weinig milieubesef; vooral de jachtregelingen laten veel te wensen over. Het land is rijk aan ongewervelde dieren; de studie van o.a. insecten en slakken zal zeker nog veel noviteiten opleveren. Onder de laatste telt de familie Helicidae (waartoe o.a. de wijngaardslak behoort) zeer veel soorten, waaronder een aantal endemen. Het marien-biologisch instituut (‘Stazione Zoologica’) te Napels, opgericht in 1874, heeft een wereldnaam. © Emmanuel Buchot en Encarta. |
Tilpasset søgning
|