De stad Parijs : Bouwkunst |
Beelden Frankrijk |
26/08/11
|
Op het Île de la Cité, waar de Romeinen zich vestigden, zijn resten uit die tijd gevonden (in het museum in de crypte van de Notre Dame). Ook elders in de stad komen resten uit de Romeinse tijd voor, bijv. de Arènes de Lutèce, resten van een ruim aangelegd amfitheater, en de bij het huidige Musée de Cluny aansluitende thermen. Uit de tijd van Clovis en uit de Karolingische periode zijn nauwelijks sporen bewaard. Ook de romaanse stijl is spaarzaam vertegenwoordigd: het oudste gedeelte van de toren van de St-Germain-des-Prés dateert van voor 1014; het eveneens romaanse schip is in later eeuwen grondig verbouwd. |
Vermelding verdient de koortoren van de tot een voormalige benedictijnenabdij (thans Conservatoire des Arts et Métiers) behorende kerk St-Martin-des-Champs (11de eeuw); toen de koorpartij van deze kerk tussen 1130 en 1140 werd verbouwd, paste men daar voor het eerst architectonische vormen toe die de gotiek aankondigden. Iets soortgelijks valt waar te nemen in de St-Pierre-de-Montmartre (1147). Nadrukkelijker gotisch is het in 1163 ingewijde koor van de St-Germain-des-Prés met zijn van straalkapellen voorziene omgang. De eerste steenlegging van de kathedraal Notre Dame op het Île de la Cité vond in 1163 plaats; het koor was in 1177 nagenoeg voltooid en eind 12de eeuw was het gebouw grotendeels gereed. |
De kerk (die in de 13de eeuw haar sculpturale versiering van de portalen kreeg) vertoont in haar massieve vormen, haar emporen boven de zijbeuken en haar zesdelige gewelven duidelijk het karakter van de vroege gotiek. Aan het uitwendige van het koor werden de eerste luchtbogen toegepast. De invloed van de Notre Dame werkte door in de St-Julien-le-Pauvre (1165–1170) en in de 13de eeuw o.a. in de St-Séverin. Al in het begin van de 13de eeuw deed de stijlontwikkeling zich gevoelen in het feit dat men de lichtbeukvensters van de Notre Dame aanzienlijk vergrootte, terwijl de zware luchtbogen vervangen werden door veel slankere, die echter hun schorende functie beter vervulden. Eerst onder Filips II Augustus (1165–1223) werd een aanvang gemaakt met de bebouwing van het gebied ten noorden van de Seine, waarbij de koning door het stichten van het Louvre zelf het voorbeeld gaf. Tijdens de regering van Lodewijk IX de Heilige (1214–1270) bereikte de gotiek haar hoogtepunt in de Sainte-Chapelle (1246–1248), waar, speciaal in de voor de reliek van de Doornenkroon bestemde bovenkapel, de stijl het toppunt van openheid, slankheid en, door de gebrandschilderde ramen, kleurigheid wist te bereiken. Enkele jaren later begon men de kruisbeuken van de Notre Dame om te bouwen in de geest van de tijd, waarbij Jean de Chelles en Pierre de Montreuil de voornaamste bouwmeesters waren. |
![]() |
Gotische kunst in Parijs. Beeld E. Buchot |
Op het einde van de 13de eeuw ontstond het schip van de St-Martin-des-Champs en in de 14de eeuw kwamen enkele minder belangrijke kerken als de St-Leu-St-Gilles (ca. 1320) en de St-Jean-de-Beauvais (1375–1380; door Raymond du Temple) tot stand. In deze periode won de profane architectuur aan invloed, niet alleen doordat adellijke families behuizingen bouwden, maar vooral door het feit dat de koningen hun paleis op het Île de la Cité een nieuw aanzien gaven, waarvan thans nog in de zgn. Conciergerie aanzienlijke delen zijn terug te vinden. De opbloei van de kunsten werd afgeremd door de oorlogen tijdens de regeringen van Karel VI en Karel VII; eerst na 1429 vond een herleving plaats, maar dan wat betreft de late, flamboyante gotiek, hetgeen tot uiting komt in de uitbouw van de St-Laurent (1429), van de St-Médard en de St-Nicolas-des-Champs (beide midden 15de eeuw), maar vooral ook in de St-Étienne-du-Mont (voltooid 16de eeuw) en de St-Germain-l'Auxerrois; het hoogtepunt van de flamboyante stijl is zonder twijfel de St-Séverin (midden 15de – begin 16de eeuw). Profane bouwwerken uit deze tijd zijn o.a. het Hôtel de Sens (1475–1508) en vooral het Hôtel de Cluny (1485–1500). De Tour St-Jacques (1509–1523; Jean de Felin), de kerken St-Merri (1515–1551) en St-Gervais (midden 16de – begin 17de eeuw) zijn eveneens voorbeelden van de laat-gotische traditie. De St-Eustache (1532 vv.) verenigt een gotisch grondplan en een gotische constructiemethode met uitsluitend renaissancistische siermotieven. © Schriftelijke door Emmanuel BUCHOT en Encarta. |
![]() |
Gotische kerk van Parijs. Beeld E. Buchot |
Tilpasset søgning
|