Poolse economie : Landbouw, veehouderij en visserij |
| Foto's van Polen |
1/08/11
|
Het grootgrondbezit werd na de communistische machtsovername opgeheven, d.w.z. het grondbezit boven de 50 ha (100 ha in de nieuw verworven westelijke gebieden). Aanvankelijk werden de kleinere particuliere bedrijven met rust gelaten, maar na 1949 werd geprobeerd de boeren ertoe te bewegen hun bedrijven samen te voegen in collectieve bedrijven of coöperaties aan te gaan. In een poging meer greep op de agrarische sector te krijgen werden zgn. landbouwkringen opgericht: instellingen die landbouwmachines verhuren, als gezamenlijk inkoopbureau voor particuliere boeren fungeren en het verenigingsleven op het platteland organiseren. Het particuliere bezit in de agrarische sector heeft gedurende de communistische periode steeds overheerst (tussen de 75 en 85% van het totale landbouwareaal). |
In oktober 1991 werden de staatsboerderijen opgeheven. De 0,5 miljoen boeren van die bedrijven waren vrij om voor zichzelf te beginnen. Het gemiddelde particuliere bedrijf was in 1989 5 ha groot. De werkloosheid in de landbouw, m.n. in het noorden en noordoosten, is sinds 1989 vrij snel gestegen. De hele landbouwsector draagt voor slechts 6% bij in het bbp terwijl maar liefst 26% van de beroepsbevolking in de sector werkzaam is. Modernisering en verhoging van de productiviteit zijn noodzakelijk om binnen de Europese Unie te kunnen concurreren. Behalve granen (tarwe, rogge, gerst en haver) produceert Polen traditioneel veel aardappelen en suikerbieten. |
Veehouderij en visserij |
De veehouderij omvat vnl. runder- en varkensteelt. Gebrek aan veevoer en een slechte infrastructuur zijn de belangrijkste belemmeringen voor groei in deze sector. Visserij. De visvangst op de Oostzee en daarbuiten wordt door een grote visserijvloot bedreven. Kabeljauw en haring zijn de voornaamste producten. "Polen," © Schriftelijke door Emmanuel BUCHOT en Encarta |
![]() |
Poolse landbouw. |
![]() Tilpasset søgning
|