Turkije
Geschiedenis van Turkije : De republiek tot 1950
Foto's van Turkije

In de late 19de eeuw ontstond de beweging van de Jong-Turken, die hervorming in westerse zin van het inmiddels verkalkte rijk nastreefde en zich keerde tegen het absolutisme van de sultan. Het verzet nam toe na de voor het Osmaanse Rijk smadelijke afloop van de Eerste Wereldoorlog. Hierin vervulde Mustafa Kemal Pasja (na 1934 Kemal Atatürk geheten) de hoofdrol. Een in Ankara bijeengekomen Nationale Vergadering proclameerde zich tot staatshoofd en begon de strijd tegen de Grieken (1920), die eindigde met de verovering van Izmir. De geallieerden legden zich hierbij neer, en bij het (nieuwe) verdrag, vastgesteld op de Conferentie van Lausanne (1923), behield het volledig onafhankelijke Turkije het in de wereldoorlog veroverde en ook Edirne en Cilicië. Intussen had een tweede Nationale Vergadering sultan Mehmed VI (1918–1922) afgezet.

De republiek tot 1950

Op 29 oktober 1923 werd een republikeinse grondwet geproclameerd. Atatürk werd president, Ankara hoofdstad. Atatürk wilde door modernisering naar westers voorbeeld cultuur en welvaart herstellen. Er kwam een scheiding tussen moskee en staat; het kalifaat werd afgeschaft, evenals andere uit de islam voortvloeiende functies. Andere verboden betroffen de derwisj-orden en het dragen van sluier en fez. Het Latijnse alfabet werd ingevoerd en vooral aan het volksonderwijs werd grote zorg besteed. Met het oog op de economische ontwikkeling werd begonnen met de aanleg van een spoorwegnet in Anatolië. In 1932 trad Turkije toe tot de Volkenbond en in 1934 sloot het zich aan bij het Balkan-pact tegenover het op de Balkan opdringende Italië.

In 1936 verwierf Turkije het recht van militarisatie van de zee-engten. In oktober 1939 sloot Turkije met Frankrijk en Groot-Brittannië een wederzijds bijstandsverdrag. Inmiddels was in 1938 Atatürk overleden. Hij werd als president opgevolgd door Ismet Inönü. Hij zette de politiek van Atatürk voort: antireligieuze maatregelen en begunstiging van de officiële politieke partij, de Republikeinse Volkspartij.

In de Tweede Wereldoorlog bleef Turkije tot kort voor het eind militair neutraal. Wel zag het zich gedwongen tot het sluiten van een niet-aanvalsverdrag en van handelsverdragen met Duitsland. In 1944 wisten de geallieerden Turkije aan hun zijde te brengen, maar eerst in februari 1945 verklaarde het de oorlog aan Duitsland. Daardoor kon Turkije direct lid worden van de Verenigde Naties. De eerste jaren na 1945 was er voortdurend sprake van een gespannen verhouding met de Sovjet-Unie. Op militair, op economisch en financieel (Marshallhulp) gebied raakte het land meer en meer afhankelijk van de Verenigde Staten. In 1949 trad Turkije toe tot de Raad van Europa.

Op binnenlands politiek terrein deed zich tussen 1945 en 1950 een aantal belangrijke veranderingen voor. In 1946 werd de kieswet herzien, waarbij de vorming van nieuwe politieke partijen werd toegestaan. Bij de verkiezingen van dat jaar verzekerde de Volkspartij zich weliswaar van de meerderheid van de zetels, maar de Democratische Partij onder

Atatürk
Atatürk.
leiding van Celâl Bayar boekte met 65 zetels een aanmerkelijk succes. Op instigatie van de Democratische Partij kwam in juli 1948 een nieuwe kieswet tot stand, met geheime verkiezingen en openbare stemmentelling. In de periode tot 1950 kwam voorts een einde aan de antireligieuze maatregelen. Meer info op Wikipedia. © Emmanuel Buchot en Encarta.
Tilpasset søgning