Portugal
Geschiedenis in Portugal
Beelden van Portugal

De oudste sporen van mens en beschaving reiken tot het 8ste millennium; de dolmencultuur (2de millennium) is vooral in het noorden vertegenwoordigd. Kort voor het aanbreken van de historische periode werd het land bewoond door de Iberiërs, die tussen 600 en 300 geleidelijk verdrongen werden en gedeeltelijk geabsorbeerd door de opdringende Kelten (Keltiberiërs). De Lusitani waren waarschijnlijk een agglomeraat van Keltische volken, die zich weinig of niet met de oorspronkelijke bevolking hadden vermengd; zij woonden vnl. in het centrum en trachtten hun invloed naar het noorden en het zuiden uit te breiden. Aan de kust bevonden zich enige factorijen en koloniën van Feniciërs, Grieken en Carthagers.

De feitelijke penetratie van Portugal door de Romeinen begon eerst na afloop van de Tweede Punische Oorlog (ca. 200 v.C.) en ontmoette veel tegenstand, vooral van de zijde van de weerbare Lusitani. In 27 v.C. verdeelde Augustus het Iberisch Schiereiland (in 197 in tweeën verdeeld) in drie provincies: Tarraconensis (oosten en noorden), Baetica (zuiden) en Lusitania (westen); de laatstgenoemde provincie viel niet helemaal samen met het grondgebied van het huidige Portugal: in de eerste plaats omvatte ze niet de gewesten benoorden de Douro, daarnaast strekte het land zich in het oosten tot Toledo uit. Het was een keizerlijke provincie, bestuurd door een propraetor, die resideerde in Augusta Emerita (Mérida). Op de romanisering van het gebied volgde spoedig de kerstening, vooral die van de steden.

Invallen van Germanen en Moren

In 409–410 vielen Germanen het gebied binnen: de Sueven vestigden zich in het district van Braga, de Alanen in het voormalige Lusitanië. In de tweede helft van de 5de eeuw werden zij gedwongen de hegemonie van de Visigoten (hoofdstad Toledo) te erkennen, die er geleidelijk in slaagden het gehele schiereiland in hun invloedssfeer te brengen. De fusie van de katholieke inheemse bevolking met de ariaanse Germanen begon eerst na 589, toen koning Reccared op het Concilie van Toledo tot het katholicisme overging. Na een vrij kortstondige bloei verzwakte het Rijk van de Visigoten ten gevolge van dynastieke veten. Voor de geschiedenis van de Portugese taal (Germaanse leenwoorden) en het Portugese recht (o.a. Lex Romana Wisigothorum) is de Visigotische periode belangrijk geweest; ook kan men er het begin van een spiritueel kerkelijk leven constateren, vooral te Braga (Orosius, Martinus van Braga, Fructuosus e.a.).

Gebruik makend van de verdeeldheid van de Germaanse overheersers stak de Moorse veldheer Tarik in 711 naar Spanje over en versloeg de laatste Visigotische koning, Roderik. Binnen tien jaar waren de Moren meesters van het schiereiland, op enige onherbergzame streken van het bergachtige Asturië na, waar sinds 718 het verzet tegen de indringers zich concentreerde. De heerschappij van de Moren heeft eeuwenlang geduurd en is in het eigenlijke Portugal, m.n. in het gebied ten zuiden van de Taag, van grote betekenis geweest (mentaliteit, taal, economie, landbouw, enz.);

Geschiedenis in Portugal
Portugal. Beeld Emmanuel Buchot

in het noorden kon de Romaans-Germaanse bevolking haar eigen karakter beter bewaren, doordat de bezetting er uiterst dun was en van korte duur. Zuid- en Midden-Portugal vormden een eenheid met Andalusië en vormden in de Moorse tijd het westelijk deel daarvan. Zo viel het gebied onder het kalifaat van Córdoba en – na de tijd van kleine autonome vorstendommen, de Taifa's in de 11de eeuw – behoorde het tot het Rijk der Almoraviden, die in 1094–1096 het Moorse gebied veroverden en in de 12de eeuw opgevolgd werden door de Almohaden. Emmanuel Buchot en Encarta. Meer infos op Wikipedia.

Tilpasset søgning