Amsterdam : De ontwikkelingen na 1945 |
| Beelden Nederland | |
Tot de belangrijkste naoorlogse gebeurtenissen op economisch gebied behoren de totstandkoming van het Amsterdam-Rijnkanaal (1952), de Coentunnel (1966), de IJtunnel (1968) en de Piet Heintunnel (1997; voor auto’s en trams), alsmede de aanzienlijke havenuitbreiding. Vanaf de jaren vijftig werden de tuinsteden Geuzenveld, Osdorp en Buitenveldert aangelegd. Amsterdam kwam herhaaldelijk in conflict met de rijksoverheid, met name inzake de gemeentefinanciën en de Bijlmermeer, welk gebied ten slotte in 1966 tijdelijk bij Amsterdam werd gevoegd ter bebouwing. Aan een periode van betrekkelijke rust op maatschappelijk en politiek terrein kwam in de jaren zestig een einde. In Amsterdam ontstond Provo, die via deels in nieuwe vorm gegoten, ‘speelse’ demonstraties en happenings een combinatie van politieke, anarchistisch getinte denkbeelden en pragmatische ideeën ten behoeve van de leefbaarheid van de stad uitdroeg. |
Mede door een nu eens weifelend dan weer hardhandig politieoptreden ontstond een gezagscrisis met hoogtepunten in 1966 (huwelijkssluiting van prinses Beatrix en prins Claus, 10 maart; oproer naar aanleiding van een sociaal conflict onder bouwvakarbeiders, 13 en 14 juni). De crisis leidde tot het ontslag van de burgemeester en de hoofdcommissaris van politie. |
![]() |
|
Amsterdam-Rijnkanaal. Foto flickr |
||
Amsterdam bleef in de volgende jaren een centrum van actie van diverse naar maatschappijvernieuwing strevende groepen, zoals studenten, kunstenaars, jonge vrouwen. Het algemene politieke klimaat en het tolerante leefpatroon bezorgden Amsterdam internationale faam als centrum van jeugdtoerisme. De uit Provo voortgekomen Kabouterpartij die in 1970 vijf zetels in de Gemeenteraad veroverde, verdween in 1974 van het toneel. In 1978 besloot de gemeenteraad tot een ingrijpende bestuurlijke reorganisatie, de Binnen Gemeentelijke Decentralisatie. De stad werd opgedeeld in 16 stadsdelen met een eigen bestuur, een eigen ambtelijk apparaat en eigen financiën. Alleen het centrum van de stad, het gebied binnen de Singelgracht, bleef rechtstreeks onder het bestuur van de gemeenteraad. In 1998 werden de stadsdelen Rivierenbuurt, Zuid en Oost samengevoegd met resp. Buitenveldert, De Pijp en Watergraafsmeer, waarmee het aantal stadsdelen teruggebracht was tot 13. In de periode 1981–1990 werden de stadsdeelraden gekozen. De gemeenteraad van Amsterdam oefent sindsdien alleen nog de grote stedelijke taken uit. De deelraden nemen de dagelijkse bestuurlijke zaken voor hun rekening. "Amsterdam" © Schriftelijke door Emmanuel BUCHOT en Encarta |
||