Stad Amsterdam

Amsterdam : Kerkelijke bouwkunst

Beelden Nederland
Kerken van Amsterdam

De – thans hervormde – Oude of Sint-Nicolaaskerk is kort na 1334 gebouwd als driebeukige hallenkerk, die in de 15de eeuw min of meer het karakter kreeg van een kruiskerk in basilicavorm. In 1553 werd aan de noordzijde de weidse O.L. Vrouwekapel toegevoegd. De toren werd in 1564–1565 verhoogd en van de nog bestaande renaissancebekroning voorzien. De glasvensters van de O.L. Vrouwekapel (1555), door Pieter Dirxsz Crabeth en de Antwerpenaar Digman, zijn belangrijk, evenals de koorbanken (midden 16de eeuw), het koorhek (1650), de preekstoel (ca. 1640), het orgel (1724) en een aantal graftekens door Hendrick de Keyser en Rombout Verhulst. De – thans hervormde – Nieuwe of Sint-Catherinakerk aan de Dam verrees tussen ca. 1490 en ca. 1540 in slanke, laat-gotische vormen. Het koperen koorhek op marmeren voet (ca. 1650) is te danken aan de beide Lutma's, vader en zoon. De weelderige preekstoel werd in 1647–1649 gesneden door Albert Vinckenbrinck; de orgelkast is ontworpen door Jacob van Campen; het marmeren grafmonument van Michiel de Ruyter (1681) in het koor is een werk van Rombout Verhulst.

In deze kerk vindt de inhuldigingsplechtigheid van de Koning(in) der Nederlanden plaats. In 1959 werd begonnen met een algehele restauratie, die in 1980 afgesloten werd, waarna het gebouw een multiculturele functie kreeg. De Begijnhofkerk (Engelse Presbyteriaanse Gemeente) is in oorsprong laat-gotisch.

Kerken van Amsterdam
Kerken van Amsterdam. Beeld.amsterdam.nl

De Zuiderkerk (als kerk niet meer in gebruik) werd als eerste protestantse kerk in Amsterdam na de Hervorming gebouwd (1603–1611) door Hendrick de Keyser. Haar met zuilen versierde toren is in 1614 voltooid. Ook de Westerkerk (1620–1631) is van Hendrick de Keyser; de toren kwam in 1638 klaar. Zij heeft evenals de Zuiderkerk een oost- en een westtransept in een driebeukig schip. Het orgel heeft door Gerard de Lairesse beschilderde luiken. De kerk werd in de jaren tachtig gerestaureerd.

17 en 18e eeuw

Vermeld dienen nog de Noorderkerk (1620–1623) van De Keyser of Hendrick Staets en de ronde Lutherse kerk aan het Singel, in 1668–1671 gebouwd door Adr. Dortsman; na een brand in 1822 werd zij in de oude vorm herbouwd (thans als congres- en concertcentrum in gebruik).

De Amstelkerk, in 1668 gebouwd als houten preekschuur, is nooit vervangen door een stenen gebouw. Van de rooms-katholieke kerken worden nog genoemd: de schuilkerk van de H. Nicolaas (O.L. Heer op Solder, 1663; thans Museum Amstelkring) met barok hoogaltaar en aankleding; de schuilkerk van de H.H. Johannes en Ursula (1671) in het Begijnhof; de kerk van de H. Antonius van Padua (Mozes en Aäron; 1837–1841) een classicistisch bouwwerk van W. Suys Sr. met barokke altaren van rond 1700; de neobarokke Sint-Nicolaas (1887) door A. Bleys en de door dr. P.J.H. Cuypers gebouwde H. Hartkerk (Vondelkerk; 1878), sedert de jaren tachtig als kantoor in gebruik. In de buitenwijken bevindt zich een aantal na 1950 gebouwde moderne kerken, w.o. de H. Opstandingskerk (de zgn. Kolenkit; niet meer als zodanig in gebruik) aan het Bos en Lommerplein, gebouwd door M.F. Duintjer.

De stad bezit verder een drietal monumentale synagogen: de Grote Synagoge (1670–1671) door Daniël Stalpaert, de Portugese (1671–1675) door Elias Bouman en de Nieuwe Synagoge (1752) door G.F. Maybaum. In de gerestaureerde Grote en Nieuwe Synagoge is sinds 1987 het Joods Historisch Museum gevestigd. Aan het Europaplein ligt het Progressief Liberaal Joodse Centrum (1966) van L.P.H. Waterman. "Amsterdam" © Schriftelijke door en Encarta