Geschiedenis van Algerije : De Osmaanse tijd |
| Foto's van Algerije |
7/08/11
|
Met de val in 1492 van het laatste Arabische bolwerk in Spanje, Granada, was de christelijke Reconquista van het Iberisch Schiereiland voltooid. De Spanjaarden besloten tot een kruistocht tegen de islam in Noord-Afrika. In 1505 bezetten zij Mers ;el-Kebir. Binnen vijf jaar vielen vervolgens Oran, Bougie (thans Bejaïa) en de toen nog weinig betekenende stad Algiers in hun handen. Hiertegen riepen de Algerijnse kustbewoners de hulp in van gewapende islamitische zeevaarders, die op eigen houtje een guerrilla ter zee voerden tegen de scheepvaart van de christelijke Europese naties. Een van hun aanvoerders, de geduchte Chayr ad-Din, bijgenaamd Barbarossa, wist de Spanjaarden grotendeels uit het Algerijnse kustgebied te verdrijven. Hij plaatste daarop het gehele door hem beheerste gebied onder het gezag van de Turkse sultan Süleyman de Grote. |
Algerije was hiermede een deel geworden van het Osmaanse Rijk en werd daardoor tevens betrokken in de grote krachtmeting van die dagen tussen Habsburg en Constantinopel, die zich over het gehele Middellandse-Zeegebied tot in de Hongaarse poesta’s afspeelde. In 1541 leed een groot Habsburgs expeditieleger onder persoonlijke aanvoering van keizer Karel V bij Algiers een smadelijke nederlaag. Gedurende al die eeuwen oefende de sultan in Constantinopel over Algerije niet veel meer dan nominaal gezag uit. De werkelijke macht berustte echter bij twee instellingen: het korps janitsaren (van oorsprong in de Osmaanse Balkangebieden gerekruteerde troepen) en de Taifat er-rais, het gilde van kaperkapiteins, die het land van slaven voorzagen en de voornaamste bron van inkomsten waren. |
De aanvankelijke ‘ideologische’ opzet van dit gilde was de scheepvaart van de christelijke naties zoveel mogelijk afbreuk te doen en aldus de zaak van de islam en van de Osmaanse sultan te dienen. Al spoedig echter werd de Algerijnse kust het toevluchtsoord voor lieden uit allerlei windstreken (velen uit Europese landen, ook uit de Nederlandse gewesten), die, met de islam slechts een zeer oppervlakkige band onderhoudend, vanuit deze veilige vestigingsplaats het lucratieve piratenbedrijf uitoefenden. Als de gevreesde Barbarijse zeerovers maakten zij de Middellandse Zee onveilig. De Europese zeevarende mogendheden zonden met doorgaans slechts tijdelijk succes ettelijke vlootexpedities (o.m. een onder leiding van De Ruyter) tegen hen uit. |
![]() |
Tlemcen. Beeld Lahcene.b |
Onberoerd door dit alles bleef het Berberse binnenland ook gedurende de gehele Osmaanse tijd vrijwel onbestuurd. Het kustgebied verviel echter tegen het einde van de 18de eeuw eveneens in een toestand van gezagloosheid en wanorde, hetgeen bovendien op de economie ontredderend werkte. "Algerije," © Schriftelijke door Emmanuel BUCHOT en Encarta |
![]() Tilpasset søgning
|