Oostenrijk tijdens de eerste wereld oorlog |
| Foto's van Oostenrijk |
14/08/11
|
In 1914 werd de moordaanslag op aartshertog Frans Ferdinand de aanleiding tot de Eerste Wereldoorlog. Deze zou voor het rijk een te zware belasting blijken. De regering in Wenen werd meer en meer gehaat door de bevolking, die vrijwel geheel onder militair gezag was gekomen. Op 21 oktober 1916 werd de Oostenrijkse minister-president, graaf Karl von Stürgkh, vermoord door Friedrich Adler. De nationaliteitenkwestie raakte in een acuut stadium, doordat onder de geallieerden activisten voor nationale zelfstandigheid begonnen te ijveren. Op een congres van ‘Onderdrukte Oostenrijkse nationaliteiten’, in april 1918 in Rome gehouden, proclameerden Italiaanse, Poolse, Roemeense, Tsjechische en Joegoslavische afgevaardigden hun recht op zelfbeschikking. Militair kwam het einde van de dubbelmonarchie eind september 1918, toen Roemenië zich uit de oorlog terugtrok. |
Op 7 oktober volgde ze het Duitse voorbeeld en werd de geallieerden om een wapenstilstand en vredesonderhandelingen gevraagd. Pogingen het rijk in sterk gefederaliseerde vorm nog in stand te houden bleken midden oktober zinloos geworden, toen in Washington verklaard werd dat men stond op onafhankelijkheid voor Tsjechoslowakije en Joegoslavië. Deze werd op resp. 28 en 29 oktober 1918 geproclameerd. In Hongarije werd op 1 november 1918 een zelfstandige Hongaarse regering gevormd. Hierop traden op 3 november de drie gemeenschappelijke ministers die de dubbelmonarchie traditioneel had, af en op 11 november stelde keizer Karel I zijn bevoegdheden met betrekking tot het rijk, zonder formeel af te treden, ter beschikking. Op 12 november werd door de voormalige Duitse leden van de Reichsrat de eerste Oostenrijkse Republiek uitgeroepen. |
"Oostenrijk," © Schriftelijke door Emmanuel BUCHOT en Encarta |
![]() Tilpasset søgning
|