Griekenland
Griekse bevolking
Beelden Griekenland

Van de ruim 10 miljoen inwoners is 93% Griek. Belangrijke minderheden vormen de Macedoniërs, de Turken, die in Thracië wonen en de islam aanhangen, en (illegale) Albanezen. De overige minderheden, Aromoenen in Epiros, zigeuners en Armeniërs, ondergaan een sterke assimilatie. De trek naar de steden, m.n. naar Athene, is nog steeds aanzienlijk: tussen 1961 en 1981 nam de bevolking van de hoofdstad toe met 63%, tussen 1981 en 1992 met 22% (voor Thessaloniki 85% resp. 37%). In 2005 woonde ruim 60% van de bevolking in de steden. Naast verstedelijking is er ook sprake van emigratie: ca. 3,5 miljoen Grieken wonen in het buitenland.

Sinds de jaren zestig oversteeg de migratie naar West-Europa die naar de traditionele emigratielanden de Verenigde Staten en Australië. Aan het eind van de jaren zeventig nam de emigratie sterk af. De bevolkingstoename bedraagt jaarlijks sinds de jaren 1990 circa 0,2%. De bevolking vergrijst, waardoor de natuurlijke aanwas steeds geringer wordt en het aantal inwoners vnl. toeneemt dankzij het positieve migratiesaldo.

De officiële taal is het Nieuw-Grieks (dhimotkí; zie Griekse taal).

Van de bevolking behoort 98% tot de Grieks-orthodoxe kerk, die geen staatskerk is, maar vanwege haar historische betekenis een geprivilegieerde positie inneemt.

Kleine godsdienstige minderheden vormen de islamieten, rooms-katholieken, protestanten, Armeense christenen en joden. Vanaf 2007 werden de salarissen van 240 imams door de staat betaald. Hiermee werden de islamitische geestelijken gelijkgesteld aan Grieks-orthodoxe priesters van wie het salaris ook door de staat werd bekostigd. Emmanuel Buchot en Encarta

Griekse bevolking
Griekse bevolking. Beeld Emmanuel Buchot
Tilpasset søgning