Rusland
Zweden Geschiedenis : Opkomst parlementaire democratie (1718–1818)
Foto's van Zweden

De Grote Noordse Oorlog (1700–1718), ten tijde van Karel XII, maakte een einde aan de positie van Zweden als grote mogendheid. Na zijn dood en de debacles van 1720 en 1721 beperkte de Rijksdag de macht van de koning, vergrootte hij de invloed van het parlement, dat in het vervolg de Rijksraad zou samenstellen. Karels opvolgers waren geen vorsten van formaat. Een poging van Adolf Frederik in samenwerking met zijn ambitieuze echtgenote Louise Ulrike, zuster van Frederik II de Grote, het koninklijk gezag te versterken, mislukte smadelijk. Twee partijen, naar hun meer of mindere revanchezucht de Hoeden en Mutsen genoemd, hadden afwisselend de leiding tijdens deze ‘vrijheidsstrijd’ (1719–1772).

Omstreeks 1770 scheen het gevaar te dreigen dat Rusland, evenals in Poolse, ook in Zweedse interne aangelegenheden zou kunnen ingrijpen en de zelfstandigheid van het land zou willen aantasten. De nieuwe koning Gustaaf III waagde in overleg met de Franse regering op 12 augustus 1772 een ‘coup d’état’, versterkte het vorstelijk gezag en tevens de goede betrekkingen met de traditionele bondgenoot. Gedurende zijn verdere bestuur had de koning te kampen met oppositie, vooral onder de adel, die tijdens een kort conflict met Rusland (1788–1790) verraad pleegde en in 1792, onder leiding van Anckarström, een samenzwering smeedde en op het gemaskerd bal in de Stockholmse opera op de vorst een dodelijke aanslag pleegde. Tijdens de coalitieoorlogen bleef Gustaaf IV Engelsgezind; na de Vrede van Tilsit maakten de Engelsen zich meester van de Deense vloot, maar zij stelden geen pogingen in het werk de Zweden bij het afslaan van een te verwachten aanval van Frankrijks geallieerden, Denemarken en Rusland, te steunen.

Finland werd in 1808 bezet. Dit had tot gevolg dat, wederom, de adel een samenzwering smeedde tegen de onbekwame Gustaaf IV. Adlersparre rukte naar Stockholm op. Adlercreutz nam de koning gevangen. De Rijksdag verklaarde hem vervallen van de troon en riep zijn oom Karel XIII tot koning uit, stelde tevens een nieuwe ‘regeringsvorm’ op, die de vorstelijke macht aanzienlijk beperkte ten bate van die van het parlement. Toen de Augustenburgse hertog Christiaan August, als opvolger aangewezen van de kinderloze koning Karel XIII, in 1810 plotseling overleden was, vond men in Parijs een opvolger in de persoon van Jean-Baptiste Bernadotte, maréchal de France, voor wiens in de laatste oorlog gebleken kundigheden óók als administrator men in Zweden grote bewondering koesterde.

Gustaaf IV
Gustaaf IV.
De nieuwe troonopvolger, tevens regent voor zijn adoptiefvader, koos in 1812 partij voor Rusland en de anti-Franse coalitie. Hem werd toegezegd dat hij bij de komende vrede Noorwegen zou verkrijgen in ruil voor Finland. Dit werd geëffectueerd, toen het Noorse Storting in 1814 de Zweedse koning Karel XIII tot koning van Noorwegen verkoos. Bij het Congres van Wenen verloor Zweden Zweeds Pommeren aan Pruisen. Daarmee waren de in de 17de eeuw veroverde gebieden goeddeels verloren. "Zweden" © Schriftelijke door en Encarta.
Tilpasset søgning