Turkije in de 21e eeuw
|
Foto's van Turkije |
Een corruptieschandaal bij tien grote banken leidde eind 2000 tot het wegvallen van het vertrouwen in de banksector. In de maanden daarna verergerde de crisis. De koppeling tussen lira en Amerikaanse dollar moest in februari 2001 worden losgelaten, waarop de lira dat jaar de helft van zijn waarde verloor. Veel bedrijven gingen failliet en honderdduizenden werknemers werden ontslagen. De economie kromp met 7%. Noodleningen van het IMF en hervorming van de financiële sector zorgden tegen het einde van 2001 voor enig herstel. |
Parlementsverkiezingen in 2002 leidden tot een politieke aardverschuiving. De gematigd islamitische AK-partij van Recep Tayyip Erdogan behaalde een absolute meerderheid. De enige andere partij die de kiesdrempel wist te halen was de CHP. Omdat Erdogan vanwege een veroordeling geen publiek ambt kon uitvoeren, werd zijn partijgenoot Abdullah Gül naar voren geschoven als premier. In 2003 werd de grondwet zodanig aangepast dat Erdogan alsnog premier kon worden. Gül werd minister van Buitenlandse Zaken en volgde in 2008 de streng-seculiere president Ahmet Necdet Sezer op. Na de terreuraanslagen op 11 september 2001 schaarde Turkije zich aan de zijde van de Verenigde Staten en nam het deel aan de ISAF-operatie in Afghanistan. |
De regering stemde na lange onderhandelingen in 2003 in met medewerking aan de Amerikaans-Britse aanval op Irak via een noordelijk front vanuit Turkije, maar het parlement wees het plan af, een gevoelige nederlaag voor de regering. Met het oog op het gewenste lidmaatschap van de Europese Unie werden diverse wetten aangepast om in lijn te komen met Europese normen. Zo werd de doodstraf in 2004 geheel afgeschaft en werden de culturele rechten van minderheden verruimd. De doodstraf voor Koerdenleider Öcalan werd omgezet in levenslang. In 2003 volgde een pakket maatregelen die de macht van leger en politie moesten terugdringen. De door de strijdkrachten gedomineerde machtige Nationale Veiligheidsraad werd gereduceerd tot een adviesorgaan, en het parlement kreeg meer invloed op het defensiebudget, dat het leger voornamelijk zelf bepaalde. In 2004 besloot de EU toetredingsonderhandelingen met Turkije te beginnen. Ondanks de Turkse aanpassingen bleef er in Europa kritiek op de weigering om de eigen rol in de Armeense genocide te erkennen en op bepalingen in de strafwet die kritiek op de Turkse identiteit verboden. In november 2003 kwamen 62 mensen om het leven bij bomaanslagen in Istanbul, die het werk bleken te zijn van een Turkse moslimextremistische groep gelieerd aan al-Qaida. © Emmanuel Buchot en Encarta. |
![]() |
Abdullah Gül. |
Tilpasset søgning
|