Nieuw-Zeeland

Planten en vegetatie in Nieuw-Zeeland

Foto's van Nieuw-Zeeland
23/08/11

De flora is zeer soortenrijk en gevarieerd en heeft door tal van endemen een eigen karakter. De overeenkomst met de plantengroei van Australië is opvallend gering. Nieuw-Zeeland vormt een overgang tussen de florarijken Paleotropis en Antarctis. Vooral door het bergachtige karakter van het land overwegen antarctische elementen in het bijzonder op het Zuideiland. Het noorden van het Noordeiland (schiereiland Auckland) droeg oorspronkelijk een dicht, zeer rijk, subtropisch regenwoud, het kauribos, met meer dan 100 verschillende boomsoorten uit 47 families; de kauri en Beilschmiedia tarairi zijn hier het meest kenmerkend.

Dit bos is zeer rijk aan boomvarens, epifyten en lianen. In het zuidelijk deel van het Noordeiland en het noorden van het Zuideiland is het westelijk regenwoud nog voor een groot deel intact. In de laagvlakte is het vooral gekenmerkt door Podocarpus- en Dacrydiumsoorten. Op grotere hoogte wordt het vervangen door loofverliezende Nothofagusbossen, die in het zuiden van het Zuideiland gaan overheersen. Naar het zuiden wordt het bos steeds lager, zodat epifyten en lianen ten slotte ‘grondplanten’ worden. Langs rivieren en in moerassen kan het endemische Nieuw-Zeelandse vlas tot dominantie komen. Op het Zuideiland begint boven 1200 m een zeer dicht en sterk vertakt struweel, o.a. gekenmerkt door soorten van Dracophyllum (Epacridaceae), Olearia (Composietenfamilie) en Hoheria glabrata (Kaasjeskruidfamilie).

Bij 1350 m begint de alpine zone, een aan voortdurende, heftige winden blootgestelde halfwoestijn, gekenmerkt door planten, waaronder de dichte ‘vegetable sheep’ (Raouliasoorten en Haastia pulvinaris) het meest opvallen. Op de schaars begroeide puinhellingen zijn de ‘Nieuw-Zeelandse edelweiss’ (Leucogenes grandiceps), een witbloeiende boterbloem (Ranunculus buchanani) en Ourisiasoorten (Helmkruidfamilie) karakteristiek. De droge oostelijke hellingen van het Zuideiland waren oorspronkelijk begroeid met de ‘tussock’-steppe, vnl. bestaande uit Danthoniasoorten, Festuca novaezelandiae en Poa colensoi. Op grotere hoogte wisselt het steeds spaarzamer wordende gras af met zeer eigenaardige, xeromorfe, grasachtige schermbloemigen (Aciphyllasoorten) en composieten (Celmisiasoorten), alsmede

Planten en vegetatie in Nieuw-Zeeland
Planten in Nieuw-Zeeland. Beeld sytzeinnz.blogspot.com
op heide lijkende, struikvormige Hebesoorten (Helmkruidfamilie) en Senecio cassinioides. "Nieuw-Zeeland" © Schriftelijke door en Encarta
Tilpasset søgning