Jordanië

Jordanië in de 21e eeuw

Foto's van Jordanië
18/08/11

Koning Abdoellah II benoemde in 2000 Ali Abu al-Ragheb tot premier, een benoeming die goed viel bij hervormers en investeerders. Ragheb vormde een kabinet waarin ook Palestijnen en gematigde moslimfundamentalisten waren opgenomen. Het parlement had eerder in het jaar een wetswijziging afgewezen waarmee mannen die vrouwen doodden uit eerwraak zwaarder gestraft zouden worden, omdat dat in strijd zou zijn met de islamitische traditie.

Abdoellah probeerde te bemiddelen tussen Israël en de Palestijnen na het begin van de tweede Intifadah, in 2000. Palestijnen in Jordanië en moslimfundamentalisten vonden echter dat hij het optreden van Israël feller moest afwijzen.

In juni 2001 ontbond Abdoellah het parlement om nieuwe verkiezingen mogelijk te maken. Die werden pas in juni 2003 gehouden; in de tussentijd regeerde de koning per decreet. Er kwam een nieuwe kieswet die de positie van de vele Palestijnen in Jordanië echter niet verbeterde. De persvrijheid werd beknot. Met een nieuwe echtscheidingswet in 2002 werd het voor vrouwen makkelijker om van hun man te scheiden.

Abdoellah wees de Amerikaanse plannen voor een inval in Irak af, zij het aarzelend. Jordanië importeerde veel olie uit Irak, maar was tegelijkertijd afhankelijk van Amerikaanse financiële en militaire steun.

Na de verkiezingen van juni 2003 hadden aanhangers van de koning een stevige meerderheid in het parlement. Ook dit parlement wees een voorstel af dat de straffen voor eerwraak zou verhogen.

De politie wist in 2004 naar eigen zeggen een serie aanslagen met chemische wapens op onder andere de Amerikaanse ambassade te verijdelen. De voortvluchtige Jordaniër Abu Musab al-Zarqawi zou achter de aanslagen zitten, waar ook al-Qaida betrokken bij zou zijn. De oppositie zei dat het gevaar werd overdreven om strengere veiligheidsmaatregelen te rechtvaardigen. Al-Zarqawi eiste de verantwoordelijkheid op voor de aanslagen op drie hotels in Amman in november 2005, waarbij 57 mensen om het leven kwamen. Voor de koning waren de aanslagen reden om meer vaart te zetten achter economische en democratische hervormingen. Al-Zarqawi kwam in juni 2006 om tijdens een bombardement op zijn hoofdkwartier in Irak. De gespannen relatie met buurland Syrië verbeterde in 2005 enigszins met een bezoek van president Assad aan Jordanië. Syrië gaf Jordanië een strook land langs de grens terug. Beide landen zagen zich geconfronteerd met de komst van honderdduizenden vluchtelingen uit Irak. Volgens het Nationaal Centrum voor Mensenrechten zat in 2006 een derde van alle gevangenen in Jordanië zat vast zonder formele aanklacht of uitzicht op een proces.

Koning Abdoellah II
Koning Abdoellah II.

De bevolking had in 2007 te lijden van de gestegen voedselprijzen. Na de verkiezingen voor het Huis van Afgevaardigden in november 2007 die gewonnen werden door koningsgetrouwen werd Nader al-Dahabi premier. "Jordanië" © Schriftelijke door en Encarta

Tilpasset søgning