Israël

Geschiedenis van Israël : De jaren negentig

Foto's van Israël
16/08/11

In het najaar van 1989 deden Egypte (de ‘tien punten’ van Hosni Mubarak) en de Verenigde Staten (het plan-Baker) vergeefse pogingen de impasse in het overleg over de bezette gebieden te doorbreken. Op 15 maart 1990 kwam het kabinet Sjamir-Peres ten val ten gevolge van de weigering van Sjamir het Baker-plan expliciet te aanvaarden. Na een moeizame kabinetsformatie wist Sjamir ten slotte in juni 1990 een coalitie te vormen van zijn Likud-blok met een aantal religieuze en nationalistische partijen.

Na het begin van de Tweede Golfoorlog op 17 januari 1991 probeerde Irak Israël bij de strijd te betrekken door Israëlische steden (waaronder Tel Aviv en Haifa) met Scudraketten (met conventionele lading) te bestoken, waarbij enige doden vielen, maar voornamelijk materiële schade werd aangericht.

Op aandrang van de Amerikaanse regering besloot Israël af te zien van vergeldingsacties teneinde de anti-Iraakse coalitie niet in problemen te brengen.

Tijdens de Tweede Golfoorlog was in de bezette gebieden een uitgaansverbod van kracht. Na de oorlog (februari 1991) laaide de Intifadah weer op. Mede onder druk van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, James Baker, nam Israël deel aan een vredesconferentie over het Midden-Oosten in Madrid (30 oktober–2 november 1991). De Palestijnen die deel uitmaakten van de Palestijns-Jordaanse delegatie, kregen bij hun terugkeer een heldenontvangst. Op 13 juli 1992 werd Sjamir vervangen door Jitschak Rabin. De nieuwe regering ging contacten met de PLO niet uit de weg, wat op 13 september 1993 in Washington resulteerde in een akkoord over beperkt Palestijns zelfbestuur in Gaza en Jericho.

Dit zgn. Akkoord van Oslo schiep nieuwe mogelijkheden voor een verbetering van de relatie met Syrië, Jordanië en Libanon en werd in 1995 gevolgd door het Oslo-2-akkoord, dat voorzag in een gefaseerde Israëlische terugtrekking uit de belangrijkste steden op de Westelijke Jordaanoever.

In maart 1993 koos de Knesset Ezer Weizman van de Arbeiderspartij tot president als opvolger van Chaim Herzog. In december werd een akkoord getekend met het Vaticaan over het aangaan van diplomatieke betrekkingen.

Midden 1994 tekenden de Israëlische premier Rabin en koning Hoessein van Jordanië de zgn. Verklaring van Washington, waarbij formeel een einde kwam aan de staat van oorlog tussen beide landen. De onderhandelingen met Syrië bleven moeizaam verlopen. De voornaamste struikelblokken vormden de veiligheidsmaatregelen bij een Israëlische aftocht uit de Golanhoogte en de ‘diepte’ van de te sluiten vrede. In november 1995 werd premier Rabin in Tel Aviv vermoord door een jonge Israëlische nationalist. De nieuwe regeringsleider Shimon Peres, die het vredesproces voortzette, leed eind mei 1996 bij de parlementsverkiezingen en bij de eerste directe verkiezing van een nieuwe premier een zeer kleine nederlaag tegen Likud-leider Benjamin Netanyahu.

Likud-leider Benjamin Netanyahu
Likud-leider Benjamin Netanyahu.
Laatstgenoemde vormde een rechtsreligieuze coalitieregering en beloofde het vredesproces met de PLO en de Arabische landen voort te zetten. Bij de eerder in 1996 gehouden verkiezingen voor een Palestijnse Raad en een Palestijnse president, die het bestuur in de Gazastrook en in verschillende steden en gebieden op de Westbank van de Israëlische militairen overnamen, zoals was overeengekomen in het Oslo-2-akkoord, werd Yasser Arafat met ruime meerderheid tot president gekozen. In de loop van 1996 ontstond in Israël grote politieke verdeeldheid over het vredesproces. De oorzaken daarvan waren de zelfmoordaanslagen van de Hamas en het beleid van Netanyahu, die de vrede-voor-landfilosofie van Rabin en Peres terzijde schoof en op basis van een vrede-voor-veiligheidstrategie de onderhandelingen met de PLO onder grote buitenlandse druk schoorvoetend voortzette. Netanyahu kondigde de bouw van nieuwe joodse nederzettingen aan en weigerde aanvankelijk in te stemmen met de terugtrekking van het Israëlische leger uit Hebron, waarover begin 1997 na Amerikaanse druk alsnog overeenstemming werd bereikt. De spanningen tussen Israël en de PLO liepen snel op en ook de broze relatie met de Arabische landen werd door de harde Israëlische standpunten op de proef gesteld. "Israël" © Schriftelijke door en Encarta
Tilpasset søgning