Geschiedenis van Israël : Ben-Goerion |
| Foto's van Israël |
16/08/11
|
Israëls eerste minister-president en jarenlang de dominerende figuur was David Ben-Goerion (1948–1953; 1955–1963). Hij was de leider van de grootste partij, de socialistische Mapai, die bij verscheidene verkiezingen voor het parlement 40 tot 47 zetels (van de 120) behaalde. Verder waren er nog 10 tot 13 middelgrote en kleine partijen: uiterst linkse, liberale, nationalistische en religieuze. Ondanks de grote verscheidenheid van partijen was er een politieke stabiliteit, daar er bij de verkiezingen weinig verschuivingen optraden. Er werden pogingen gedaan tot het vormen van grotere groeperingen, welke pogingen resulteerden in een socialistisch blok en een liberaalnationalistisch blok. Mettertijd werden ook enkele Arabieren in het parlement opgenomen; sommigen ter vertegenwoordiging van specifiek Arabische partijen. |
De religieuze partijen kregen veel invloed. In ruil voor hun regeringsdeelname werd een religieuze institutionalisering van het openbare leven bewerkstelligd. In deze eerste fase van de nieuwe staat was de immigratie van honderdduizenden joden een belangrijk fenomeen. De door de Palestijnen achtergelaten woningen en boerderijen kregen nieuwe bewoners. Onder Ben-Goerion begon de staatsvorming. Industrialisatie en mechanisatie van de landbouw zorgden voor een welvaartsstaat naar westers voorbeeld.
Het belangrijkste probleem dat Israël bleef bezighouden, was de verhouding tot de Arabische staten. |
Vooral na de revolutie in Egypte (1952) begon de situatie dreigend te worden, omdat de Egyptische president Nasser ernaar streefde de nederlaag van 1948 ongedaan te maken. In 1955 nam de spanning toe, doordat Egypte wapens geleverd kreeg uit communistische landen. Het toenemen van Palestijnse infiltraties in Israël, de militaire verbonden tussen Egypte en Arabische landen, het sluiten van het Suezkanaal en de Straat van Tiran (toegang tot de Golf van Akaba) voor Israëlische schepen, waartegen Israël al jarenlang geprotesteerd had, waren de oorzaak van grote bezorgdheid. Toen Nasser het Suezkanaal nationaliseerde en in conflict raakte met de Westerse mogendheden, besloot Israël tot de aanval over te gaan (zie ook Suezcrisis). In zes dagen veroverde het leger onder bevel van Mosje Dajan het schiereiland Sinaï (29 oktober 1956). Onder druk van de Verenigde Naties, waarin de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie samenwerkten en met sancties dreigden, trok Israël in maart 1957 zijn troepen terug, waarbij het echter bedong dat de Straat van Tiran voor de scheepvaart vanuit Eilat open zou blijven en dat daar en in de Gazastrook troepen van de Verenigde Naties gelegerd zouden worden om de status quo te handhaven. In 1960 raakte premier Ben-Goerion in conflict met een groot aantal partijgenoten, hetgeen in 1963 leidde tot zijn aftreden. Hij werd opgevolgd door de minister van Financiën Levi Esjkol (1963–1969). |
![]() |
Ben-Goerion |
"Israël" © Schriftelijke door Emmanuel BUCHOT en Encarta |
![]() Tilpasset søgning
|