Frankrijk
Geschiedenis van Frankrijk : De 21ste eeuw
Beelden Frankrijk

Vrachtwagenchauffeurs protesteerden in 2000 tegen de invoering van de 35-urige werkweek en tegen stijgende brandstofprijzen. Ze werden later gesteund door andere werknemers, voornamelijk in de transportsector, waardoor in augustus het land deels ontwricht raakte. Onder druk van de Europese Unie deed de regering van Lionel Jospin enkele concessies.

Bij lokale verkiezingen in 2001 boekten de rechtse partijen aanzienlijke winst ten opzichte van de landelijk regerende linkse partijen. Wel kreeg Parijs voor het eerst sinds 1871 een linkse meerderheid.

De presidentsverkiezingen in 2002 werden uiteindelijk gewonnen door zittend president Jacques Chirac, die in de tweede ronde Jean-Marie Le Pen van het extreemrechtse Front National versloeg. Le Pen had tot veler verrassing in de eerste ronde meer stemmen behaald dan de socialist Jospin. Jospin trad hierop af als premier; zijn PS verloor ook de parlementsverkiezingen, die gewonnen werden door een nieuw rechts blok (UMP) waarin ook Chiracs RPR was opgegaan. Premier werd nu Jean-Pierre Raffarin.

Raffarins belangrijkste verdienste was de hervorming door te voeren van het pensioenstelsel (2003), dat onbetaalbaar dreigde te worden.

Bij regionale verkiezingen in 2004 verloren de partijen achter de weinig populaire landelijke rechtse regering veel zetels. Premier Raffarin bood hierop zijn ontslag aan, maar president Chirac vroeg hem een nieuwe regering te vormen. Na het door de regering verloren referendum over de Europese Grondwet, 29 mei 2005, kon Raffarin opnieuw zijn ontslag aanbieden. 55% van de kiezers stemden tegen, uit een mengsel van redenen. Met de afwijzing werd geprotesteerd tegen het beleid van de regering, tegen liberalisme en voortschrijdende globalisering, en tegen een mogelijke toetreding van Turkije tot de EU.

Premier werd nu Dominique de Villepin. Het referendum betekende het voorlopige einde van het gezag van Frankrijk en vooral van president Chirac in de Unie.

De dood van twee jongens in een transformatorhuisje na een achtervolging door de politie in Clichy-sous-Bois in oktober 2005 vormde de directe aanleiding voor wekenlange rellen in Parijse voorsteden, voornamelijk door jongeren van buitenlandse komaf. Er werden in drie weken tijd duizenden auto's in brand gestoken. In een dertigtal gebieden werd de noodtoestand uitgeroepen en werd een avondklok ingesteld. De jongeren klaagden over uitsluiting en hoge werkloosheid. Het falende politieoptreden leidde tot kritiek op minister van Binnenlandse Zaken Nicolas Sarkozy. In de herfst van 2006 laaiden spanningen tussen politie en immigrantenjongeren in de hoofdstad Parijs weer op. Ook in het najaar van 2007 was het onrustig. De oorzaak van de onrust was gelegen in de hoge werkloosheid en de uitzichtloze situatie waarin deze jongeren zich bevonden.

Premier Villepin diende in januari 2006 de flexibele arbeidswet – Contrat Première Embauche (CPE) – in ter bestrijding van de hoge jeugdwerkloosheid. De wet bepaalde dat werkgevers jongeren tot 26 jaar gedurende de eerste twee jaar van hun arbeidscontract zonder opgaaf van redenen konden ontslaan In het hele land braken daarop

Raffarin
Raffarin
stakingen uit en werd geprotesteerd. President Chirac trok de wet uiteindelijk terug en op 12 maart werd een nieuwe werkgelegenheidswet aangenomen. In deze wet werd bepaald dat werkgevers overheidssteun ontvingen indien zij jongeren tussen 16 en 26 jaar een contract voor onbepaalde tijd boden.

In de zomer van 2006 werden 37 zakenrelaties en bekenden van president Jacques Chirac door een rechtbank in Parijs veroordeeld wegens corruptie bij de financiering van de RPR, de partij van Chirac.

Nicolas Sarkozy werd op 6 mei 2007 met 53% van de stemmen gekozen tot president. Hij vormde een kabinet waarin ook bewindslieden van andere partijen zitting hadden, een novum in de Franse politiek. Zijn kabinet telde ook relatief veel vrouwen en enkele vertegenwoordigers van minderheden. Na de aankondiging van hervorming van sociale voorzieningen en een voorgenomen inkrimping van het ambtenarenapparaat braken in Frankrijk verschillende malen in 2007 en 2008 massale landelijke stakingen uit.

Aangepast zoeken