Noorwegen

Economie van Noorwegen

Foto's van Noorwegen
25/07/11

De economie is sterk op het buitenland georiënteerd. Op alle gebieden is de rol van de overheid zeer belangrijk. Zo worden visserij en energiewinning (zowel waterkracht als aardolie) sterk gereguleerd door quoteringsregelingen en concessiewetgeving, terwijl landbouw en veeteelt zonder een uitgebreid systeem van subsidies, prijsafspraken en importrestricties niet zouden kunnen bestaan. Doordat sommige landen van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA), waarvan Noorwegen lid is, zoals Zweden en Oostenrijk, tot de EU toetraden, liep het land aan het begin van de jaren negentig het risico economisch geïsoleerd te raken. Met het creëren van een Europese Economische Ruimte (EER) in oktober 1991, als resultaat van een akkoord tussen de EU en de EVA, nam Noorwegen wel een groot aantal van de in de EU geldende regels op het gebied van de interne markt over.

Het bruto binnenlands product (bbp) steeg in 2000 met 2,7%. De werkloosheid was met 3,5% iets hoger dan in 1999.

Landbouw, veehouderij, bosbouw en visserij

Hoewel het aandeel van de agrarische sector in het (bbp) slechts 2% is en slechts 4% van de beroepsbevolking erin werkzaam is, is de invloed van deze sector op politiek gebied vele malen groter. Het ‘groene front’ is in Noorwegen een factor van betekenis; zeer velen voelen zich emotioneel sterk bij het platteland betrokken. De omvangrijke subsidieregelingen hebben een verdeling van de verbouw van de diverse producten over de delen van het land bewerkstelligd. Zo wordt in Zuid-Noorwegen het verbouwen van graan gestimuleerd, om in de gebieden die zich niet voor graanproductie lenen, veehouderij mogelijk te maken, die (zij het zwaar gesubsidieerd) nog enigszins rendabel is. Op deze wijze wordt o.a. gepoogd de ontvolking van vooral Noord-Noorwegen tegen te gaan.

Het bosbezit – ca. 60% van het oppervlak is bedekt met naaldbossen – is voor ca. tweederde in handen van boeren en wordt meest kleinschalig geëxploiteerd in combinatie met het boerenbedrijf ('s zomers landbouw, 's winters bosbouw). De visserij krijgt echter steeds meer een grootschalig karakter, met een moderne trawlervloot en verwerking tot hoogwaardige producten. In 1977 is een 200-mijlszone ingesteld. De viskwekerij (o.a. zalm en forel) is een groeiindustrie die in toenemende mate van belang is. In 1988 werd de commerciële walvisvangst gestaakt, maar voor ‘wetenschappelijke doeleinden’ werd ondanks internationale kritiek doorgegaan met de jacht op walvissen en jonge zeehonden. De enorme algengroei (waarvan de oorzaak in de vervuiling van de zee ligt) bedreigt de visvangst in de Noordzee.

landbouw in Noorwegen
Landbouw in Noorwegen. krijn j. poppe
"Noorwegen," © Schriftelijke door en Encarta.
Tilpasset søgning