China
Chinese economie : Industrie
Foto's van China

Net als in de landbouw hebben in de industrie hervormingen plaatsgevonden. Doordat sinds de invoering van het contractsysteem met minder mensen meer wordt geproduceerd, dreigde op het Chinese platteland een zeer grote werkloosheid te ontstaan. Vestiging van industriële bedrijven in agrarische gebieden kon hier een oplossing bieden. Sinds 1978 zijn bijna 50 miljoen Chinese boeren tewerkgesteld in plattelandsbedrijven en in toeleveringsbedrijven voor de stedelijke industrie. In gebieden rond de grote steden, zoals Peking, werkt 80% van de plattelandsbevolking al buiten de landbouwsector.

De huidige politiek is gericht op het scheppen van een nieuwe klasse van ondernemers, handelaren en managers. Zo zijn in de loop van de jaren tachtig de mogelijkheden voor individuele ondernemers om een eigen bedrijf op het platteland te beginnen of om een bestaand collectief bedrijf over te nemen aanzienlijk toegenomen. De hervormingen zijn er verder op gericht de reeds bestaande rurale industriële bedrijven te verzelfstandigen.

De instelling van de Speciale Economische Zones (SEZ's) waarin geëxperimenteerd wordt met nieuwe managementtechnieken, marktverhoudingen en arbeidsrelaties, is te beschouwen als een onderdeel van de open-deurpolitiek. De SEZ's moeten buitenlandse investeringen aantrekken voor exportgerichte technologisch hoogwaardige industrieën. Weliswaar is een aantal vormen van liberalisering van de Chinese economische betrekkingen met het buitenland doorgevoerd, deze gaan echter samen met de handhaving en soms versterking van een protectionistische politiek die gericht is op de ontwikkeling en modernisering van de eigen handel en industrie. In 1994 was het aandeel van de Chinese industrie in het nationaal inkomen beduidend groter dan dat van de landbouw (47% resp. 21% van het nationaal inkomen).

Bovendien overtreft de totale waarde van de door de plattelandsindustrie voortgebrachte productie die van het agrarisch bedrijf. Wel werkte in 1993 nog steeds een groot aandeel van de werkbevolking in de landbouw: 61%, terwijl ca. 18% in de industrie en 21% in de andere sectoren werkzaam was.

De decentralisatie van industriële complexen begon al lang vóór de plattelandshervormingen. Deels is dit geschied om het transportsysteem te ontlasten, deels uit strategische overwegingen. Bij de gedecentraliseerde industrialisatie op provincie- en districtsniveau werd eveneens getracht de bedrijfsgrootte aan te passen aan lokale omstandigheden, waarbij werd gelet op aanwezige grondstoffen, technologie en kennis.

China's economie
China's economie. © Beeld Emmanuel Buchot.
Zo is bekend dat in 1976 de helft van de industriële productie afkomstig was van betrekkelijk kleine bedrijven; voor de elektriciteits- en kolenproductie bedroeg dit aandeel eenderde, voor kunstmest 70% en voor cement 60% van de totale productie. De industrie is overwegend geconcentreerd in het noordoosten en in de gebieden Peking-Tianjin en Shanghai-Nanjing, in mindere mate in Midden-China, in het Sichuanbekken, alsmede hier en daar in het zuiden. Het belangrijkste centrum van de lichte industrie (o.a. textielbedrijven) die men verder in alle provincies vindt, is Shanghai. Naast de textielnijverheid zijn de staal- en machine-industrie belangrijk. De kwaliteit van de industriële productie is regelmatig verbeterd en de verscheidenheid verruimd. © Schriftelijke door en Encarta
Tilpasset søgning