Australië als autonome mogendheid tot aan de Tweede Wereldoorlog |
| Foto's van Australië |
13/08/11
|
In de jaren rond 1900 werd het politieke leven grotendeels beheerst door de in 1891 tot Labor Party geconstitueerde arbeidersbeweging. Deze droeg een apart, nationalistisch en niet-marxistisch karakter. Door haar straffe interne discipline werd zij in de Australische samenleving een niet te onderschatten macht, ook wanneer de federale regering niet door haar leiders gevormd werd. In 1910 kwam de Labor Party onder Andrew Fisher eerst goed aan de regering. Na een onderbreking van een jaar (1913–1914) vormde Labor in sept. 1914 weer een regering, waarin de markante persoonlijkheid van W.H. Hughes, die in 1915 premier werd, domineerde. Toen hij echter in 1917 de dienstplicht wilde invoeren, kreeg hij onenigheid met zijn eigen partij, waarvan hij zich toen met enkele getrouwen afscheidde om tezamen met de liberalen, met wie hij zich tot de National Party verenigde, de regering voort te zetten. Het voorstel tot dienstplicht werd echter tot tweemaal toe bij referendum verworpen. |
Hughes, die zich door zijn eigenmachtig optreden tot een zeer omstreden figuur had gemaakt, herwon veel van zijn nationaal prestige door op de vredesconferentie van Versailles in 1919 krachtig voor Australiës eisen op te komen. Hij wist voor zijn land het mandaat over Duits Nieuw-Guinea te verkrijgen In 1923 moest Hughes wijken voor een kabinet onder leiding van S.M. Bruce, leider van de liberale vleugel van de National Party, in samenwerking met de Country Party, een in 1919 afgescheiden groep. Onder zijn bewind, dat tot 1929 duurde, werd in 1927 de nieuwe hoofdstad Canberra ingewijd. Oude geschilpunten over arbitrage, financiële kwesties en arbeidswetgeving wekten ontevredenheid, waarvan Labor, voor het eerst sinds vijftien jaar, profiteerde. Een regering-Scullin kon het echter slechts twee jaren bolwerken. |
Evenals in het moederland, ontstond ook hier ten gevolge van de economische crisis, die Australië bijzonder hevig trof, een grote behoefte aan een nationale regering. Bij de verkiezingen van eind 1931 behaalde de United Australian Party, ontstaan uit fusie tussen ontevreden socialisten en National Party, de meerderheid. Onder leiding van J.A. Lyons vormde zij een regering, die bijna tien jaar aanbleef. In die jaren werd Australië zich bewust, dat in het isolement niet meer zijn kracht lag. De Britse vloot zou bij een eventueel conflict, nog meer dan in 1914–1918, in de Europese wateren vastgehouden worden, terwijl anderzijds Japan als potentiële vijand moest worden beschouwd. Deze overwegingen leidden ertoe, dat Australië zich al vroeg in de jaren dertig ging toeleggen op bewapening en wapenfabricage. R.G. Menzies, premier na Lyons’ dood (april 1939), zette de politiek van solidariteit met het Britse Rijk voort. "Australië," © Schriftelijke door Emmanuel BUCHOT en Encarta |
![]() |
S.M. Bruce |
![]() Tilpasset søgning
|