Griekenland
Athene : De antieke stad
Beelden Griekenland

Athenes stadsbeeld werd in de oudheid en wordt nog steeds beheerst door de Acropolis. De huidige bebouwing van de Acropolis dateert uit de tweede helft van de 5de eeuw v.C., nadat het gehele complex in 480 door de Perzen was verwoest. Het eerst werd het Parthenon gebouwd (de naam dateert van later), een nieuwe tempel voor de stadsgodin Athena, waarin haar 12 m hoge beeld van goud en ivoor van de hand van Phidias kon worden opgesteld, de zgn. Athena Parthenos (verloren gegaan). De majestueuze tempel, gebouwd door Ictinus, is een Dorische peripteros (ca. 31 × 69 m), met acht zuilen voor en achter en zeventien aan beide lange zijden. De cella bestond uit twee volkomen gescheiden delen.

In het voorste stond het Athena-beeld opgesteld, aan drie kanten omgeven door een zuilenrij in twee verdiepingen. Rondom de cella was in laag-reliëf de processie van de burgerij uitgebeeld die bij de om de vier jaar gehouden Panathenaeën plaatsvond. In 447 werd met de bouw begonnen, in 438 kon het beeld worden geplaatst en in 432 was alles voltooid.

Intussen was in 437 ook begonnen met het bouwen van de monumentale ingang tot het gehele complex, de Propyleeën, het werk van Mnesicles. Het middengedeelte, het eigenlijke poortgebouw, bestaat uit twee delen – elk voorafgegaan door een galerij van zes Dorische zuilen –, gescheiden door een muur met vijf doorgangen, waarvan de middelste het breedst is.

Aan weerskanten zijn ruime vleugels aangebouwd, de zuidelijke iets kleiner dan de noordelijke, vanwege het aangebouwde heiligdom van Athena Nikè. In het laatste kwart van de 5de eeuw volgde het Erechtheion, in 409 v.C. geheel voltooid. Dit gecompliceerde maar harmonische bouwwerk in Ionische stijl, is een conglomeraat van kleine heiligdommen, die bovendien op verschillend niveau liggen. Het hoofdgebouw, voorafgegaan door een galerij van zes Ionische zuilen, bestaat uit twee geheel gescheiden vertrekken. Het oostelijke was bestemd voor het houten cultusbeeld van Athena. Het westelijke vertrek had via zijn voorhal drie uitgangen: in het noorden naar een Ionische voorgalerij van vier zuilen breed en twee diep, in het westen naar het onoverdekte Pandroseion met olijfboom, enz., in het zuiden naar de zgn. Kariatidenhal, waar het hoofdgestel wordt gedragen door zes meisjesfiguren (korai), staande op een balustrade.

Eveneens in het laatste kwart van de 5de eeuw werd op het bastion rechts van de opgang een Ionisch tempeltje van Athena Nikè gebouwd: een kleine cella met voor- en achtergalerij van vier zuilen en een gebeeldhouwd fries boven de driedelige architraaf; het werd omheind door een marmeren balustrade, waarop staande Nikè-figuren in allerlei standen en een zittende Athena in reliëf zijn uitgebeeld. Tussen Propyleeën en Parthenon lagen nog het oude heiligdom van Artemis Brauronia en de ca. 450 v.C. gebouwde Chalkotheek, schatkamer en misschien tevens arsenaal.

Acropolis van Athene
Acropolis van Athene. Beeld Emmanuel Buchot
Uit later tijd dateert slechts een sierlijk rond tempeltje van Roma (vroege keizertijd). In recente tijd werd het sobere, laaggelegen Acropolis-museum toegevoegd. Van de vele beelden die her en der stonden opgesteld, was Phidias' bronzen beeld van Athena Promachos, in volle wapenrusting, het beroemdst.

Binnen de omheining lagen twee tempels uit de 6de en uit de late 5de eeuw v.C.; de oudste bevatte het houten cultusbeeld, de jongste het goud-en-ivoren beeld van de godheid door Alcamenes. Al in de 6de eeuw v.C. was er een theater, maar pas ca. 330 v.C., ten tijde van de archont Lycurgus, ontstond het huidige stenen theater; het werd echter in de hellenistische en de Romeinse tijd ingrijpend verbouwd. De priesterzetels op de eerste rang dateren uit de 1ste eeuw v.C., de reliëfs van het podium uit de 2de eeuw n.C. Er bestaan plannen om met de bewaarde resten een weer bruikbaar (zij het kleiner dan het oorspronkelijke) theater op te bouwen. In 445 v.C. liet Pericles ten oosten van het theater een Odeion, overdekte muziekzaal, bouwen, dat in laat-hellenistische tijd grondig werd hernieuwd. In 420 v.C. werd tussen tempels en theater een stoa als wandelhal gebouwd. Ten westen van het Dionysusheiligdom ligt de wandelhal, door koning Eumenes van Pergamum (197–159 v.C.) ten behoeve van de theaterbezoekers geschonken. Op een terras daarboven ziet men de resten van het Asklepieion, die uit de 4de eeuw v.C. dateren; het heiligdom zelf werd in 420 v.C. gesticht als filiaal van dat van Epidaurus. Op de zuidwesthelling bevindt zich het grootse en goed bewaarde Odeion van Herodes Atticus uit 160 n.C. dat nog steeds voor toneel- en muziekuitvoeringen in gebruik is. De diverse bouwwerken op en tegen de Acropolis hadden in de loop der eeuwen veel te lijden, m.n. tijdens de Turkse overheersing. Sindsdien is een en ander gedeeltelijk herbouwd en gerestaureerd en de imposante resten trekken grote aantallen

Oude stenen van Athene
Oude stenen van Athene. Beeld Emmanuel Buchot
toeristen. Door luchtverontreiniging, daarnaast o.m. ook door oxidatie van de eertijds bij de restauratie gebruikte metalen delen, worden de gebouwen met versneld verval bedreigd. Tot de tegenmaatregelen behoort het vervangen van sculpturen (o.a. de Kariatiden) door kopieën. Emmanuel Buchot en Encarta.
Tilpasset søgning