Stad Amsterdam

Amsterdam : jaren 70, 80 en 90

Beelden Nederland
De jaren 70 en 80

Sedert de jaren zeventig kreeg ook Amsterdam met maatschappelijke verschijnselen te maken die het stadsbestuur voor grote problemen stelde en zowel in binnenlandse als buitenlandse media veel aandacht trokken en de stad een negatieve reputatie bezorgden.

Het beleid van het stadsbestuur met betrekking tot de snelle toename van de handel en het gebruik van verdovende middelen kenmerkte zich door een genuanceerde aanpak (verbod en bestrijding van de handel in harddrugs, geen vervolging voor bezit van softdrugs voor eigen gebruik, hulpverlening aan verslaafden, o.a. door het verschaffen van methadon, en de mogelijkheid tot het inruilen van gebruikte naalden), die zowel op kritiek als waardering kon rekenen. Veel kritiek kreeg de gemeente van bewoners van bepaalde delen van de oude binnenstad die het stadsbestuur een te toegeeflijke houding tegenover de verslaafden verweten en het verantwoordelijk stelden voor de drastische toename van de criminaliteit (winkeldiefstallen en berovingen) en de verloedering (o.a. door de heroïneprostitutie) van hun woongebied.

Veel onrust en grote materiële schade waren het gevolg van enkele spectaculaire ontruimingsacties door de politie, vaak versterkt met eenheden van de Mobiele Eenheid, van gekraakte panden in de binnenstad en oud-Zuid. De gewelddadige ontruiming van een pand in de Jan Luyckenstraat in 1982 en de daarop volgende rellen noodzaakten het stadsbestuur zelfs een semi-noodtoestand uit te roepen.

Amsterdam vandaag
Amsterdam vandaag. Foto blog.amsterdamcitytours.com

De politie werd eind jaren zeventig, begin jaren tachtig meer en meer het onderwerp van kritiek, o.a. naar aanleiding van enkele omkopingsaffaires en het optreden tegen de krakers, wat tot grote frustratie binnen het corps en vertrek van personeel naar andere gemeenten leidde. Het vertrouwen tussen corpsleiding en gemeentebestuur daalde tot een dieptepunt en werd pas in de tweede helft van de jaren tachtig hersteld, toen door de landelijke overheid meer geld beschikbaar werd gesteld voor de uitbreiding van het corps.

In de jaren zeventig en begin jaren tachtig liep de werkgelegenheid o.m. door het stilleggen van een aantal traditionele industriële activiteiten (bijv. scheepsbouw) en het vertrek van talloze bedrijven uit de binnenstad naar randgemeenten verder terug. Hierdoor en door het bewust gestimuleerde vertrek van economisch actieve burgers naar de overloopgemeenten in Noord-Holland dreigde een in sociaal opzicht onaanvaardbare situatie (een relatief groot aantal werklozen en ouderen) te ontstaan, die vooral in de oudere volkswijken, waar zich veel allochtonen vestigden, tot spanningen leidde.

In de tweede helft van de jaren tachtig kwam een wending ten goede.

De werkgelegenheid, voornamelijk in de dienstverlenende sector, nam, mede als gevolg van het economische herstel en een gericht vestigingsbeleid van de gemeente, toe en leidde tot de komst van goed opgeleide, veelal jonge werknemers. Het stadsbestuur nam vanaf medio de jaren tachtig enkele initiatieven om deze beroepsgroep blijvend voor de stad te behouden, o.a. door het bevorderen van de bouw van koopwoningen. Ook anderszins nam het stadsbestuur initiatieven om het negatieve imago van de stad te verbeteren. Een grootscheeps opgezette campagne om de Olympische Spelen in 1992 in Amsterdam te laten houden, had echter geen succes. "Amsterdam" © Schriftelijke door en Encarta